Het Noorderplantsoen in Groningen heeft een militaire voorgeschiedenis. Een uitgebreid systeem van wallen, bastions en grachten omsloot Groningen vanaf het begin van de 17e eeuw. Deze wallen en grachten werden aangelegd in de jaren 1608 tot 1642 en waren gebaseerd op een in veel steden gebruikt vestingplan. In die tijd verbeterde het geschut zodat de stadsmuren vrij gemakkelijk kapotgeschoten konden worden. De muren werden daarom door aarden wallen vervangen; die hielden de kanonskogels wel tegen. Voor de wallen kwamen grachten die de aanvallende militairen moesten vertragen.

Op de bekende kaart van Egbert Haubois uit omstreeks 1635 is de met bastions versterkte stad Groningen in al zijn kracht weergegeven. Een deel van deze kaart toont de vier bastions waarop later het Noorderplantsoen is aangelegd

...

In de loop van de 19e eeuw breidde de stadsbevolking zich uit, vooral onder de minder draagkrachtigen. De wallen omsloten een stad die overvol raakte. Overal in Nederland besloten gemeentebesturen kort na de totstandkoming van de Vestingwet tot het slechten van de stadswallen en de daarin aanwezige stadspoorten, die steeds meer als verkeersobstakels voor het toenemende verkeer werden ervaren. De vrijkomende gronden en grachten bestemde men voor stadsuitbreiding: huizenbouw, gevangenis, ziekenhuis, universiteitsgebouwen en zelfs begraafplaatsen. In een aantal steden waaronder Haarlem, Zaltbommel, Utrecht, Maastricht en Groningen kreeg een deel van de voormalige vestingwerken de bestemming plantsoen.

Kaartje Vestingwerken vóor aanleg plantsoen (1876)

In 1887 besloot de gemeente Groningen voor f 60.000,...

Het plantsoen is in gedeelten ontworpen door meerdere ontwerpers. Eerst kwam het middengedeelte tussen de Nieuwe Boteringestraat en de Grote Kruisstraat door B. Brouwer en J.G. van Beusekom (1879) Daarna kwam het beplantingsplan uit 1881 van H. Copijn uit Utrecht voor het gedeelte tussen de Grote Kruisstraat en het Reitdiep. Het gedeelte tussen Moesstraat en Ebbingestraat werd in 1881 ontworpen door P.H. van Harreveld

De fonteinvijver, ontworpen door directeur Gemeentewerken J.A. Mulock Houwer (hij ontwierp ook de muziekkoepel) kwam in 1912 en de speelweiden zijn rond 1920 aangelegd, ten tijde van de bouw van de Oranjewijk.

Kaartje uit brochure van Copijn

Zichtbare overblijfselen van de vestingwerken zijn de wal langs de Noorderbinnensingel tussen de Grote Leliestraat en de Grote Kruisstraat, de vorme...

De landschapsstijl is in de achttiende eeuw in Engeland ontstaan. Vooral uit de behoefte om een soort ideaalbeeld van een landschap te creëren. Men zocht de inspiratie voor dit ideaalbeeld bij schrijvers uit de klassieke oudheid. Het landschapspark of plantsoen heeft de volgende kenmerken:

  • asymmetrische aanleg;

  • slingerende paden en vijvers;

  • zachtglooiende grasvelden:

  • accentueren van hoogteverschillen;

  • bossages omringen en begrenzen de ingedeelde ruimte zó dat het park onbegrensd lijkt;

  • Vooral in particuliere tuinen werd de aanleg aangevuld door plaatsing van tuinsieraden zoals tuinvazen, beelden en tempeltjes met voorstellingen uit de Griekse en Romeinse mythologie.

In de plantsoenen zien we vooral de knappe toepassing van hoogteverschillen en soortkeuze van de beplant...

In de laatste dagen van de tweede Wereldoorlog is verbitterd gevochten in Groningen. Ook het plantsoen bleef niet gespaard. In het zuidelijk deel werden loopgraven gegraven. In de buurt van de Kijk in ’t Jatstraat verborgen Duitse sluipschutters zich in de bomen. Canadese soldaten zetten met vlammenwerpers de bomen in brand om ze eruit te krijgen. Een aantal Duitsers verborgen zich in de (toen nog aanwezige) kelder onder de muziekkoepel en werden pas dagen later ontdekt.

Kamp Canadese militairen

Meer weten over de oorlogsjaren in Groningen? klik hier.

Na de oorlog werd de schade snel hersteld. 

Met de toename van het gemotoriseerde verkeer veranderde de centrale weg in het park geleidelijk in een doorgaande autoroute; er werd zelfs op de grasvelden geparkeerd. Afsluiting van het park voor auto's werd v...

Begin ‘90ger jaren ontstaat discussie over de toekomst van de stadsparken. Door toegenomen mobiliteit en gewijzigde behoeften van bewoners worden de parken minder gebruikt en was er een tijdlang minder aandacht voor het onderhoud.

De Gemeente schrijft een nota waarin zij voorstelt om de vijf Groningse stadsparken nieuwe functies te geven (nota 'Kleur geven aan Groen' 1990). De parken kregen elk een thema en het Noorderplantsoen kreeg thema 'Gronings Cultureel'. Het werd daarmee verbonden met het culturele leven van de binnenstad.

Artikel Noorderbreedte 1992

In 1991 werd het eerste kleine culturele festival Noorderzon in het plantsoen gehouden. De eerste 2 jaar nog in samenwerking met de (landelijke) Parade. Een paar jaar later volgt dan het 5-mei festival.

De opkomst van de stadsecologie (nota De Leven...

De vraag naar de toekomst van het verkeer door het plantsoen wordt in deze jaren weer actueel. Er volgen jaren van onderhandeling en discussie en die leidden in 1993 tot een proefafsluiting van een jaar gevolgd door een gemeentelijk referendum. De proef met de afsluiting werd gemarkeerd met een tweetal historische stoomwalsen aan het begin en het eind van het afgesloten gedeelte van het plantsoen (van Plantsoenbrug tot Moesstraat).

De (proef)afsluiting foto: Ana Buren

Op 5 oktober 1994 werd een referendum gehouden over de afsluiting van het park.

Het gemeentebestuur, dat voorstander was van afsluiting, haalde een nipte overwinning. Van tevoren was afgesproken dat de uitslag alleen geldig zou zijn als tenminste 21 procent van de kiezers zou deelnemen. Het opkomstpercentage bedroeg uiteindelijk ruim vol...

In 1994 presenteerde de gemeente een plan voor een futuristisch 13 meter hoog theaterdak; een grote UFO-vormige dakconstructie van aluminium en roestvrij staal op de speelweide ten behoeve van podiumactiviteiten en filmvoorstellingen. Discussies over dit als tijdelijk gepresenteerde project liepen hoog op. Tegenstanders vreesden dat het gemeentebestuur vooruit liep op de discussie over de functie en de herinrichting van het park, bovendien vermoedden ze dat het tijdelijke dak, wanneer het er eenmaal stond, blijvend zou worden. De hoge kosten voor het fundament van dit grote (tijdelijke) bouwwerk versterkten deze vermoedens.

De discussies gingen gepaard met stevige conflicten tussen de organisatoren van culturele manifestaties, omwonenden en natuur- & milieuorganisaties, die gezamenlijk de gemeente a...

Na de afsluiting en de felle discussies rond de culturele functie en het theaterdak  werd de toekomst van het park een belangrijk vraagstuk. Door de afsluiting en het gewijzigde gebruik van het park was het nodig om op een nieuwe manier naar de toekomst te kijken.

Daarbij werd ruimte gegeven aan een brede inspraak, die zich toespitste op het spanningsveld tussen cultuurpodium, buurt-recreatiepark en ecologische 'hotspot'.

De uitkomst van deze discussies was een programma van eisen op hoofdlijnen voor het Noorderplantsoen. Deze bevatte ook een voorstel voor het instellen van een Parkcommissie. Deze moest samengesteld zijn uit permanente vertegenwoordigers van de gemeente, de omliggende buurten en semi-permanente leden. 'technische know-how moet permanent aanwezig zijn, evenals de milieu-component'. De...

Al snel kwam de plaats van het 5-meifestival in het plantsoen aan de orde. Het festival groeide snel en begon steeds meer op een popfestival te lijken. Na één middag festival (er werden in 6 uur meer dan 30.000 bezoekers geteld) veranderde het plantsoen in een ravage.

Er waren 13 brandjes gesticht, de struiken waren massaal platgelopen door mensen die schuilden voor de regen en het zand van de kinderspeelplaats moest worden afgegraven vanwege de vele glasscherven en andere vervuiling.

Ook de natuurverenigingen roerden zich. Tellingen wezen uit dat het festival in een paar uur 30% van de broedvogels had weggejaagd.

De Parkcommissie adviseerde unaniem om dit festival uit het park te verwijderen. Daarna kwam de cultuurlobby in actie en volgden een aantal politieke en bestuurlijke loopgravengevechten. Uit...

De nieuwe inzichten over de toekomst en functie van het Noorderplantsoen leidden ertoe dat er met andere ogen naar het park wordt gekeken. En dan wordt (1995) duidelijk dat het park in de loop van de tijd wel was onderhouden, maar toch zonder visie op de oorspronkelijke inrichting en toekomstig gebruik. Een ingrijpende verandering lijkt noodzakelijk.

Bij het maken van een plan daarvoor liet de gemeente zich adviseren door de Utrechtse firma Copijn. Dezelfde die betrokken was  bij het ontwerp van het park in de 19e eeuw.

Deze stelde een herinrichting van het plantsoen voor.

Het belangrijkste oogmerk van de herinrichting was het herstel van de historische kenmerken van het plantsoen met behoud van de ecologische waarden. Die waarden bepalen mede de herinrichting en stellen grenzen aan het recreatieve en...

In fase vier is de waterhuishouding verbeterd. De waterkwaliteit stond onder druk door de aanvoer van te voedselrijk water uit het Reitdiep en door twee riooloverstorten, die bij heftige regenval rioolwater uit de omliggende wijken in de vijvers lieten stromen. Ook de sterk vervuilde baggerlaag op de bodem beïnvloedde de waterkwaliteit negatief. In 2002-2003 werden de vijvers gebaggerd, Na het baggeren werden de riolen omgelegd. Alleen regenwater kan nog geloosd worden op de vijvers. Het teveel aan rioolwater bij zware hoosbuien wordt tijdelijk in grote onder water gelegen zakken bewaard (in de Grachtstraatvijver). Ook werden er natuurlijke oevers met riet en biezen aangelegd, die een zuiverende werking hebben.

Als vervolg hierop werd de inlaat van (soms vervuild) water bij de Plantsoenbrug afgeslot...

In de jaren van de reconstructie werd meer dan twee jaar lang een grote groep drugsverslaafden in het plantsoen gedoogd. In het plantsoen ontstonden no-go areas en het aantal berovingen, overvallen en andere incidenten in en rond het park nam enorm toe. Dat  heeft niet alleen het imago en de gebruikswaarde, maar ook de natuur in het park ernstig geschaad. De als rustgebieden bedoelde plekken werden veelvuldig verstoord en kwetsbare beplanting werd regelmatig platgelopen.

Voor deze bedreigingen heeft de parkcommissie veelvuldig, zonder resultaat, aandacht gevraagd. Uiteindelijk hebben de toename van gewelddadige incidenten en een bewonersactie de stoot gegeven tot het einde van de aanwezigheid van verslaafden in het park (oktober 2000).

In 1991 werd het eerste kleine culturele festival Noorderzon in het plantsoen gehouden. De eerste 2 jaar werd het festival georganiseerd op het speelveld. Voor de programmering was er een samenwerking met het landelijke festival De Parade. In 1993 gaat Noorderzon op eigen kracht verder.

Na enkele jaren willen ze hun vleugels uitslaan. In 1995 schrijven ze in hun programma: Het nieuwe is, dat we dit jaar gekozen hebben voor vele andere locaties, dan u wellicht gewend bent. Het centrale deel van het festival ligt nu rond de muziekkoepel en niet meer rond het speelveld.

Ondertussen kwam er ook kritiek. Noorderzon zorgde in toenemende mate voor geluidshinder en ook de schade in het park nam onrustbarend toe. De gemeente vraagt in 1995 advies aan adviesbureau Copijn over de inpassing van het snelgroeiende...

Op basis van het werk van Copijn en ervaringen met Noorderzon komt er in 1966 een evenementennota: ‘Noorderplantsoen, evenementenkalender en draaiboek’. In 1998 komt er een aanvullend besluit: geen grootschalige evenementen in het broedseizoen (voor 1 juni). Het 5-meifestival verdwijnt hiermee definitief uit het plantsoen.

Deze nota wordt vanaf 1999 onderdeel van het evenementenbeleid voor de hele gemeente (Nota ‘Alle dagen feest’).

Cartoon NVHN 1996

Please reload

Geschiedenis

Bijgewerkt op 27 maart 2019